|
Permanente bereikbaarheid onbruikbaar voor zelfstandigenaftrek
Iemand dreef naast zijn betrekking in loondienst ook een
eigen onderneming. Hij claimde daarvoor zelfstandigenaftrek bij
zijn IB-aangifte over 2000. De inspecteur wees dat af, omdat de
man niet had aangetoond dat hij had voldaan aan het urencriterium.
Het urencriterium houdt in dat iemand minimaal 1.225 uur per jaar
gewerkt moet hebben in de eigen onderneming.
De man ging in beroep omdat hij vond dat hij wel degelijk aan
het criterium had voldaan. Hij was namelijk dag en nacht beschikbaar
geweest voor zijn onderneming.
Het Hof Arnhem stelde de (halve) ondernemer in het ongelijk, omdat
het feitelijk drijven van een onderneming meer inhoudt dan louter
beschikbaar zijn. [terug naar boven]
Regels voor geruisloze terugkeer
uit BV verduidelijkt
Een BV of een NV kan zonder directe belastingheffing terugkeren
naar een eenmanszaak of vennootschap onder firma. Bij zo'n fiscaal
geruisloze terugkeer wordt de gecombineerde claim van vennootschapsbelasting
en inkomstenbelasting omgezet in een enkelvoudige inkomstenbelastingclaim
die tot uitdrukking komt in de zogeheten terugkeerreserve.
Zo'n geruisloze terugkeer was al langer mogelijk, maar de voorwaarden
waaronder dat mag gebeuren waren nog niet helemaal duidelijk. Onlangs
heeft de staatssecretaris ze daarom nader uitgewerkt. Het resultaat
vindt u op de website van het ministerie van Financiën: www.minfin.nl.
[terug naar boven]
Nieuwe regels voor 'een beetje bijklussen'
Bent u een belastingplichtige – meestal in loondienst
– met bescheiden inkomsten uit 'overige werkzaamheden', zoals
lezingen geven, artikelen schrijven, of een beetje bijverdienen
als gastouder of overblijfmoeder? Dan bent u een zogenaamde resultaatgenieter
en mag u sinds 1 januari 2003 het zogenaamde kasstelsel hanteren.
Het kasstelsel houdt in dat u pas belasting hoeft te betalen als
het geld daadwerkelijk binnen is. Dit in tegenstelling tot het zogenaamde
factuurstelsel, waarbij de belastingplicht al ontstaat op het moment
dat u uw diensten heeft verricht, onafhankelijk van het moment dat
ze betaald worden.
Let op: als u bijvoorbeeld een bedrijfspand verhuurt of geld
uitleent aan uw BV, wordt u aangemerkt als terbeschikkingsteller.
In dat geval mag het kasstelsel niet worden toegepast. [terug
naar boven]
Kleding van werkgever is loon
Een transport- en expeditiebedrijf verstrekt aan zijn
werknemers spijkerbroeken, sweaters, jacks en jassen, voorzien van
een logo ter grootte van het visitekaartje van het bedrijf. Deze
kleding moeten de werknemers dragen tijdens hun werk. Mag deze kleding
onbelast ter beschikking worden gesteld? Nee, zei de inspecteur.
Het Hof Amsterdam was het eens met de inspecteur, omdat zulke
kleding ook buiten werktijd gedragen kan worden. Bij een bescheiden
logo is er geen sprake van een uniform dat derden met het bedrijf
associëren, zoals dat bijvoorbeeld wél het geval is
bij NS-kleding. Om als bedrijfskleding te gelden moet het gebruikte
logo een oppervlakte hebben van 70 cm2 of meer.
Het Hof vond daarom dat de winkelwaarde van de kleding bij het
loon moest worden opgeteld.
Bijtelling kan worden voorkomen door de kleding fysiek op het
bedrijf te laten. [terug naar boven]
Betalingsonmacht mag telefonisch
worden gemeld
Als een vennootschap niet meer kan voldoen aan haar fiscale
verplichtingen, dan moet dat direct aan de fiscus worden gemeld.
Doet de vennootschap dat niet, dan kunnen de bestuurders persoonlijk
aansprakelijk worden gesteld voor deze schulden, wegens 'kennelijk
onbehoorlijk bestuur'. De vraag is echter: wat is 'direct melden'?
Een bestuurder van een BV werd persoonlijk aansprakelijk gesteld
voor belastingschulden van de BV, hoewel zijn administrateur de
betalingsonmacht telefonisch had gemeld bij de fiscus. Volgens de
ontvanger stond de 'Leidraad invordering' telefonisch melden niet
toe. Het Hof Leeuwarden verklaarde deze bepaling in de Leidraad
echter ongeldig, op basis van de Invorderingswet.
De Invorderingswet bevat geen nadere regels over de manier waarop
betalingsonmacht moet worden gemeld. Bovendien bleek uit een schriftelijke
reactie van de fiscus aan de vennootschap dat de telefonische mededeling
bekend was bij de fiscus. Het Hof vond daarom dat de betalingsonmacht
correct was gemeld, zodat de bestuurder niet zelf aansprakelijk
was voor de schulden.
Conclusie: bellen is dus toegestaan, maar u staat wel sterker
als er iets op schrift staat. [terug naar boven]
BTW bij verkoop deelneming tóch
aftrekbaar
Over de verkoop van aandelen wordt geen BTW geheven. Daarom
is de BTW over de bijbehorende kosten, zoals advieskosten en juridische
kosten, ook niet aftrekbaar. De Hoge Raad heeft echter een uitzondering
gemaakt op dit principe.
De zaak betrof een moedermaatschappij met een deelneming in een
BV. Voor deze deelneming verrichtte de moedermaatschappij management-diensten,
waarvoor de BV een vergoeding (met BTW) betaalde. Vervolgens liet
de moedermaatschappij de deelneming verkopen door een bank, die
hiervoor een fee in rekening bracht, vermeerderd met BTW. De inspecteur
ging er niet mee akkoord dat de moedermaatschappij deze BTW aftrok
en het Hof Den Haag gaf hem gelijk. De Hoge Raad vond echter dat
de BTW wel degelijk aftrekbaar was, al werd er niet bijgezegd in
welke mate.
De Hoge Raad erkende dat het verwerven, houden en verkopen van
aandelen geen economische activiteit is die onder de BTW-regels
valt, maar vond dat dat anders ligt bij directe of indirecte inmenging
in het beheer van een vennootschap waarin wordt deelgenomen. Zo'n
inmenging brengt belastbare handelingen met zich mee, zoals het
verrichten van administratieve diensten, boekhoudkundige diensten
en IT-diensten, die wel degelijk als economische activiteit voor
de omzetbelasting te beschouwen zijn (en dus onderworpen aan de
BTW).
De management-werkzaamheden van de moedermaatschappij golden volgens
de Hoge Raad als een dergelijke inmenging. Dat betekende dat de
kosten van de verkoop van aandelen in dit geval 'algemene kosten
van de onderneming' waren en dat er wel degelijk recht op aftrek
voor de omzetbelasting bestond. De vraag hoeveel de moedermaatschappij
uiteindelijk mocht aftrekken, verwees de Hoge Raad terug naar een
lagere rechter. [terug naar boven]
Ook voorbereidingsuren tellen mee bij scholingsaftrek
Het Hof Den Bosch heeft de voorwaarden voor scholingsaftrek
wat ruimer uitgelegd dan tot voor kort gebruikelijk was. Onder arbeidskosten
van eigen medewerkers die scholing verzorgen, vallen volgens het
Hof niet alleen de lesuren zelf, maar ook de uren die ze besteden
aan de voorbereiding van de lessen. De uitleg van de staatssecretaris
dat de voorbereidingstijd niet meetelt bij de scholingsaftrek, is
in strijd met de wet, vindt het Hof.
De zaak was aangespannen door een accountantskantoor dat bij de
aftrek van de scholingskosten alle voorbereidingsuren van de interne
docenten had opgevoerd. [terug naar boven]
Werkgever mag cursus voor Rijbewijs
E soms vergoeden
Vroeger kreeg je Rijbewijs BE als je een gewoon rijexamen
deed, maar tegenwoordig is deel E (rijden met zware aanhangwagens)
daarvan losgekoppeld. Sommige beroepen vereisen echter wel zo'n
extra aantekening. Zijn de kosten om die aantekening te verkrijgen
belastingvrij te vergoeden door de werkgever? Soms.
De kosten van een cursus voor Deel E van het rijbewijs mogen belastingvrij
vergoed worden door de werkgever, als de werknemer dit rijbewijs
nodig heeft om zijn werk goed te kunnen doen. Dit heeft de fiscus
onlangs bekendgemaakt in een besluit.
Het gewone Rijbewijs B kan niet belastingvrij vergoed worden
vanwege het privé-voordeel dat je daarvan geniet. [terug
naar boven]
Rechter eist minimumloon voor 13-
en 14-jarigen
De Nederlandse overheid moet binnen anderhalf jaar een
wettelijk minimumloon instellen voor jongeren van 13 en 14 jaar.
Dat heeft de rechter beslist naar aanleiding van een rechtszaak
die de vakcentrale FNV en de CNV Jongerenorganisatie hadden aangespannen.
Minister De Geus (Sociale Zaken) gaat in beroep tegen deze beslissing.
Volgens hem is de arbeidsmarkt voor 13- en 14-jarigen 'in principe
gesloten' en is er daarom geen minimumloon nodig.
Hoewel er tot nu toe nog geen minimumloon voor 13- en 14-jarigen
geldt, mag deze groep sinds 1996 wel werken, zij het onder strikte
voorwaarden. Het ministerie van Sociale Zaken heeft een wettelijk
minimumloon voor jongeren onder de 15 jaar altijd tegengehouden,
omdat men bang is dat dit opgevat kan worden als een aanmoediging
om te gaan werken.
De regels voor 13- en 14-jarigen zijn als volgt:
- basisprincipe: alleen 'niet industriële hulp-arbeid van
lichte aard';
- maximale werktijd: 12 uur per week (op schooldagen maximaal
2 uur en op zaterdag maximaal 6 uur);
- werktijden: geen nachtdiensten, geen zondagsdiensten, niet na
7 uur 's avonds, en niet voor 8 uur 's morgens;
- wel toegestaan: vakken vullen, oppassen, auto's wassen, folders
en huis-aan-huisbladen rondbrengen, bollen pellen;
- niet toegestaan: kassawerk, zwaar werk, en industriële
arbeid.
- in de vakantieperiode: maximaal 35 uur per week, gedurende maximaal
4 weken, waarvan 3 weken achtereen.
Voor 15-jarigen zijn de voorwaarden iets soepeler:
- maximale werktijd: op zaterdag mag 8 uur gewerkt worden;
- werktijden: tijdens de schoolweek mag 's ochtends begonnen worden
om 7 uur (bij het bezorgen van een ochtendkrant zelfs om 6 uur);
- in de vakantieperiode: maximaal 40 uur per week, gedurende 6
weken, waarvan 4 weken achtereen.
Heeft u zelf een kind dat (een beetje) werkt? Pas dan wel
op dat uw kinderbijslag niet in gevaar komt. [terug
naar boven]
Ook accountants moeten ongebruikelijke transacties gaan
melden
De wet Melding Ongebruikelijke Transacties (MOT) wordt
per 1 juni 2003 aanzienlijk uitgebreid. Ook accountants en belastingadviseurs
hebben vanaf die datum de plicht om ongebruikelijke transacties
te melden aan de overheid. Zij moeten transacties boven EUR 15.000,-
melden als deze contant of met cheques aan toonder betaald worden.
Melding is ook verplicht bij een vermoeden van witwassen van geld,
of als een klant bewust net iets minder dan EUR 15.000,- contant
betaalt of meerdere keren contante bedragen betaalt die samen boven
EUR 15.000,- uitkomen.
De uitbreiding van de wet MOT is het gevolg van Europese regelgeving
en heeft ook gevolgen voor advocaten, notarissen, casino's en handelaren
in goederen van grote waarde. [terug naar boven] |