::  Home  ::  Nieuwsbrief  ::  Archief  ::  september 2005


       

 
Nieuwsbrief - 9-2005
BTW-criteria voor bouwterrein Pas op voor dubbel aftrekken van auto-accessoires
Nieuw bedrag voor aftrek buitenlandse ritten   Fiscaal partnerschap niet alleen voor geliefden
Hoge Raad geeft regels voor 'redelijke termijn' in boetezaken   Geen lineaire pensioenopbouw via kostenegalisatiereserve
Helderheid over studiekostenvergoeding door werkgever   Hoge boetes voor niet invullen CBS-enquêtes

BTW-aftrek ook toegestaan na liquidatie onderneming   Recht op warme maaltijd is geen loon

 


 Fiscaal

BTW-criteria voor bouwterrein
De levering van 'onroerende zaken' is vrijgesteld van BTW, tenzij het een bouwterrein betreft. Bouwterreinen zijn belast met 19% BTW en niet met de 6% overdrachtsbelasting die voor overig onroerend goed geldt. Maar wanneer is iets nu een bouwterrein? Hiervoor kent de Wet op de Omzetbelasting 1968 een aantal bepalingen, waaronder een die over de bouwvergunning handelt.

De staatssecretaris heeft onlangs bepaald wanneer bij onbebouwde grond sprake is van een bouwterrein in relatie tot de bouwvergunning. Dat is het geval als er een bouwvergunning eerste fase (ruimtelijke en welstandtechnische aspecten) én een bouwvergunning tweede fase (bouwtechnische aspecten) is verstrekt.

Zonder beide vergunningen kan de eigenaar van de grond niet met bouwen beginnen en is het nog niet zeker dat de grond daadwerkelijk als bouwgrond zal worden gebruikt, aldus de staatssecretaris.

Dus: zolang beide fases van de vergunning nog niet zijn afgerond, geldt bij verkoop van de grond een belastingpercentage van 6% (overdrachtsbelasting) en geen 19% (BTW), tenzij de onbebouwde grond op grond van andere bepalingen in de Wet gekwalificeerd wordt als bouwgrond.

[terug naar boven]


Nieuw bedrag voor aftrek buitenlandse ritten
Transportondernemers (lees: eigen rijders) die meerdaagse internationale ritten maken, mogen in 2005 EUR 27,- per dag aftrekken van de winst, bij wijze van forfaitaire verblijfskosten (was: EUR 26,- in 2004). De dag van vertrek en de dag van terugkomst gelden beide als een halve dag. U moet het aantal reisdagen wel aannemelijk kunnen maken met bijvoorbeeld tachograafschijven, facturen of rittenstaten.

[terug naar boven]


Hoge Raad geeft regels voor 'redelijke termijn' in boetezaken
De Hoge Raad heeft vuistregels opgesteld voor wat als overschrijding van een redelijke termijn kan gelden bij de behandeling van een fiscale-boetezaak. De Hoge Raad maakt daarbij onderscheid tussen diverse fasen.

De redelijke termijn begint te lopen op het moment dat een bestuursorgaan heeft aangegeven dat het een (nog nader te bepalen) boete zal gaan opleggen. De rechter moet dan in principe binnen twee jaar uitspraak hebben gedaan, inclusief de duur van de bezwaarfase. Berechting in hoger beroep moet in principe afgerond zijn binnen twee jaar na het instellen ervan. Onder bijzondere omstandigheden mag de tweejaarstermijn overschreden worden, bijvoorbeeld als de zaak erg ingewikkeld is of als de beboete persoon zelf om uitstel heeft gevraagd.

Overschrijding van de redelijke termijn geeft recht op kwijtschelding van de boete (geheel of gedeeltelijk, afhankelijk van de mate van overschrijding). De belasting zélf wordt natuurlijk niet kwijtgescholden.

[terug naar boven]


Helderheid over studiekostenvergoeding door werkgever
Werkgevers mogen de studiekosten van hun werknemers belastingvrij vergoeden. Dat lijkt simpel, maar is het (soms) niet. Er zijn namelijk tal van situaties die vragen oproepen.

De staatssecretaris heeft onlangs een overzicht gegeven van alle ins en outs:

  • als de werkgever een studiekostenvergoeding geeft in het jaar waarin de werknemer de uitgaven doet, heeft de werknemer geen recht op aftrek voor de inkomstenbelasting omdat de uitgaven niet op hem drukken;
  • terugbetaling door de werknemer van een vrijgestelde studiekostenvergoeding is geen negatief loon, omdat de vergoeding geen loon was. Wel kan de werknemer dit bedrag als scholingsuitgaven opvoeren in het jaar van terugbetaling;
  • een nieuwe werkgever mag een vrije studiekostenvergoeding geven ter grootte van het bedrag dat de werknemer heeft moeten terugbetalen aan zijn eerdere werkgever. Betaling (of toezegging daarvan) moet gebeuren in het kalenderjaar van terugbetaling. Aftrek van studiekosten bij de inkomstenbelasting is dan niet meer mogelijk;
  • de nieuwe werkgever kan de betalingsverplichting van de werknemer overnemen en het bedrag rechtstreeks aan de oude werkgever betalen;
  • toekenning van een vergoeding door de nieuwe werkgever na afloop van het jaar waarin de werknemer de vergoeding heeft terugbetaald aan zijn oude werkgever, is niet belastingvrij omdat er alleen sprake was van drukkende uitgaven in het jaar van terugbetaling.

[terug naar boven]


BTW-aftrek ook toegestaan na liquidatie onderneming
De Deense Hoge Raad heeft het Hof van Justitie EG gevraagd of het recht op aftrek van BTW blijft bestaan voor verplichtingen die nog doorlopen na het staken van een bedrijf. De vraag had betrekking op een restauranthouder wiens huurcontract nog doorliep, terwijl het bedrijf al was beëindigd. Hij betaalde de huur ondanks de liquidatie gewoon door en trok ook de in rekening gebrachte voorbelasting af.

Het Hof van Justitie oordeelde dat het recht op aftrek in deze situatie bleef bestaan, omdat het geliquideerde restaurant ook nog gewoon de huur moest blijven betalen.

[terug naar boven]


Pas op voor dubbel aftrekken van auto-accessoires
De catalogusprijs die gehanteerd moet worden voor de bijtelling van een auto van de zaak, mag verlaagd worden met de waarde van alle accessoires die zijn vrijgesteld van BPM. Dat zijn bijvoorbeeld: een boordcomputer, een LPG-installatie, een navigatiesysteem en cruise-control. Op zich is deze regeling niet moeilijk of controversieel, maar er kan wel iets misgaan, met name als het een lease-auto betreft.

Het ministerie van Financiën heeft er onlangs op gewezen dat belastingplichtigen deze accessoires nogal eens dubbel aftrekken, doordat zij niet beseffen dat de leasemaatschappij de vrijgestelde accessoires vaak al in mindering heeft gebracht op de catalogusprijs. Het is daarom belangrijk om de catalogusprijs te controleren die de leasemaatschappij heeft opgegeven.

[terug naar boven]


Fiscaal partnerschap niet alleen voor geliefden
Bij fiscale partners denk je al snel aan gehuwden of samenwoners, maar de fiscus is ruimdenkender. Ook andere (meerderjarige) duo's kunnen belastingvoordeel behalen door voor het fiscale partnerschap te kiezen, zoals: samenwonende broers en zussen, een ouder die samenwoont met zijn of haar kind, of twee kinderen die nog bij hun ouders wonen.

Voorwaarde is wel dat er al meer dan zes maanden een gemeenschappelijke huishouding is gevoerd en dat de 'partners' in die periode op hetzelfde adres zijn ingeschreven in de basisadministratie persoonsgegevens. De keuze voor het fiscaal partnerschap moet expliciet aangeven worden in de aangifte, en wordt niet stilzwijgend verlengd.

Een fiscaal partnerschap is onder meer voordelig als een van beiden geen inkomen heeft, want dan wordt de anders niet benutte algemene heffingskorting van EUR 1.894,- van de een uitbetaald aan de ander (die zelf ook al recht heeft op aftrek van de heffingskorting).

[terug naar boven]


Geen lineaire pensioenopbouw via kostenegalisatiereserve
Een BV vormde een kostenegalisatiereserve (KER) voor de pensioenvorming van haar twee directeuren. De BV wilde het pensioen lineair opbouwen (door middel van een vaste jaarlijkse dotatie), maar de inspecteur eiste op basis van de Wet Inkomstenbelasting 1964 een actuariële opbouw, waarbij bij de bepaling van de jaarlijkse dotatie rekening wordt gehouden met rente en sterftekansen.

De BV ging in beroep en stelde dat het door de inspecteur aangehaalde wetsartikel niet van toepassing zou zijn op de KER. Het Hof Arnhem erkende dat de KER daarin niet genoemd werd, maar vond een actuariële opbouw wel goed koopmansgebruik en gaf de inspecteur uiteindelijk dus toch gelijk. Exit lineaire opbouw.

[terug naar boven]


 Overig nieuws

Hoge boetes voor niet invullen CBS-enquêtes
Menig ondernemer heeft een broertje dood aan die tijdrovende CBS-enquêtes, maar wie niet meedoet, riskeert een forse boete. Bedrijven zijn namelijk verplicht om informatie te verstrekken aan het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), als men daar om vraagt. Deze gegevens heeft het CBS nodig voor statistieken over zaken als economische groei of werkgelegenheid.

Het CBS kan voor het niet of onvolledig invullen van enquêtes boetes opleggen die kunnen oplopen tot EUR 5.000,-, aldus de nieuwe CBS-wet. Ook na het betalen van de boetes blijft de informatieplicht bestaan en moeten de gegevens alsnog binnen twee weken worden verstrekt, op straffe van een dwangsom van maximaal EUR 20.000,-.

Gezien de hoogte van de boetes doen bedrijven er verstandig aan om goed het oog te houden op de termijnen die gelden voor het verstrekken van informatie. Bij een maandstatistiek heeft een bedrijf 10 dagen de tijd om de enquête te retourneren; bij een kwartaalstatistiek 30 dagen en bij een jaarstatistiek 60 dagen. Een failliet bedrijf moet toch vragen beantwoorden over de periode voorafgaand aan het faillissement. Bedrijven kunnen zich niet beroepen op een geheimhoudingsplicht, want de gegevens komen anoniem in de statistieken.

In sommige gevallen is het meewerken aan een CBS-enquête vrijwillig. Het CBS geeft dit duidelijk aan in een begeleidende brief.

[terug naar boven]


Recht op warme maaltijd is geen loon
Krachtens de Horeca-CAO heeft keukenpersoneel recht op warme maaltijden. De maaltijden zijn belast als loon in natura. Maar wat gebeurt er nu als er van het recht geen gebruik wordt gemaakt? Is er dan óók sprake van loon of niet? Het Uwv vindt van wel, maar is achtereenvolgens door de Rechtbank Zutphen én door de Centrale Raad van Beroep in het ongelijk gesteld. Daarmee is het pleit nu definitief beslecht in het voordeel van alle koks die liever een boterhammetje mee van huis nemen (en met name in het voordeel van hun werkgevers, die geen boetes of correctienota's meer hoeven te verwachten).

Volgens de CRvB is het recht op een warme maaltijd geen loon, als van dat recht geen gebruik wordt gemaakt. Oftewel: loon dat niet is genoten, is geen loon.

[terug naar boven]

 
<< Terug